17. Zor

‘Yavar, ben je mij vergeten,’ hoort hij plots achter zich zeggen.

Woedend richt hij zich op.

‘Jakira. Nee, ik was je niet vergeten. Je vriendin kan toch niet weg. Jij komt eerst aan de beurt.’

Dan draait Yavar zich om en nadert dreigend de blonde vrouw.

‘Hier, pak aan, Yavar,’ snauwt Jakira en werpt plots een gele vuurbal.

Maar de bol botst tegen de rode energie die Yavar omgeeft. Deze springt opzij. Jakira vuurt nu met al haar krachten en geeft Yavar geen enkele kans om in zich te herpakken. Plots is hij echter verdwenen en materialiseert een paar meter verder. Maar Jakira is dadelijk begonnen met het scannen van haar naaste omgeving. Yavar kan twee energiebollen op Jakira afschieten, maar dan moet hij zich opzij werpen en rolt de troon af. Jakira’s energiestralen missen hem op een haar na. Eén van de bollen weert ze af met haar energiezwaard, de andere raakt het scherm dat haar omgeeft. Ze wankelt even. Dan ziet ze Yavar zich terug oprichten en wacht tot hij op zijn voeten staat.

Op hetzelfde moment duikt Lokar op Dargo af, maar die veranderde zijn lichaamsstructuur. Zijn aanvaller beseft dadelijk dat hij niet zo weerloos is als hij dacht. Plots haalt Dargo echter uit en een van de vier armen van de Rung breekt. Een groene stof spuit eruit. Terwijl hij achteruit wankelt tot tegen een van de apparaten. Met een luidde knal ontploft het toestel en Lokar wordt vooruit geslingerd. Hij valt op de vloer, maar springt dadelijk weer recht en haalt uit. Dargo reageert echter te laat en voelt het energiezwaard van de Rung doorheen zijn linkerzijde schieten. Zijn linkerbeen is dadelijk gevoelloos en hij kan er niet meer op staan. Hard komt hij op de vloer terecht en kreunt van de pijn zijn zijde. Dan ziet hij Lokar op zich toekomen.

Op hetzelfde moment legt Tena het hoofd van haar geliefde voorzichtig op de grond. Langzaam staat er op en kijkt naar de vloer. Als ze haar energiezwaard opmerkt, reikt ze met haar hand naar het wapen. Met een ruk schiet het op haar toe en zodra ze het in haar rechterhand vasthoudt, activeert ze het. Haar woede en verdriet voeren een harde strijd in haar binnenste, terwijl ze langzaam op Lokar toestapt. Deze wil Dargo de genadeslag geven, maar merkt dat de jongeman, naar iets achter hem kijkt. Met een ruk draait hij zich om en ziet de jonge roodharige vrouw op hem toestappen. Hij voelt haar woede tot diep in zijn binnenste. Dan schiet de jonge vrouw plots vooruit. Tussen beide begint een hevig gevecht. Dargo moet verzwakt toekijken, hij kan haar niet helpen. Maar heeft ze wel hulp nodig. Hij merkt dat Lokar moeite heeft om haar aanval af te slaan. Maar hij voelt ook de woede en het verdriet die diep in het innerlijk van Tena woedt.

Lokar verliest plots zijn rechter energiezwaard. Even kijkt hij naar de rest van de cilinder die hij nog in zijn hand houdt. De slag heeft de cilinder in twee stukken gesneden. Woedend werpt hij het stuk naar de jonge vrouw. Maar hij raakt haar niet. Ook aan zijn verlammende krachten ontkomt de jonge vrouw.

Lokar heeft het echter te laat gemerkt en komt met vier zwaaiende armen op haar toe. Tena duikt voorover en rolt naar hem toe. Op een meter of twee voor hem springt ze recht en stoot het geactiveerde energiezwaard naar hem toe. Haar woede is zo groot dat ze zonder het te beseffen, twee lichtstralen uit haar energiezwaard laat schieten. Lokar wordt hierdoor volledig verrast en slaakt een luidde kreet als zijn borstplaat doorboord wordt. Ook Dargo is verrast en ziet Lokar wankelen. De Rung kijkt de jonge vrouw verbaasd aan en laat zijn armen zakken. Hij probeert ze nog omhoog te brengen, maar ze zakken dan weer krachteloos naar beneden. Zijn tweede energiezwaard valt plots uit zijn linkerhand. Zijn bovenlichaam begint lichtjes voor en achteruit te zwaaien. Tena wijkt snel achteruit, terwijl Lokars lichaam begint te schokken. Hij is dood voor zijn schokkend lichaam de vloer raakt.

Even blijft Tena verbaasd naar de cilinder in haar rechterhand kijken.

‘Hoe deed ik dat?’ fluistert ze.

‘Vermoedelijk is je woede er de oorzaak van.’ hoort ze de stem van Dargo in haar hoofd.

Na een korte blik op de dode Lokar loopt ze met robotachtige stappen op Dargo toe. Dargo merkt het, maar durft haar gedachten niet lezen.

‘Help Rondo, Tena. Ik kan met zelf wel helpen,’ zegt hij.

Maar dan schrikt als hij naar haar gezicht kijkt. De woorden van Dargo hebben haar geschokte gedachten weer bewust gemaakt. En de herinnering keert terug. De tranen rollen over haar wangen, terwijl ze zegt.

‘Ik kan hem niet meer helpen, Dargo. Rondo is dood.’

‘Wat?’ stamelt Dargo, terwijl Tena hem rechtop helpt.

Terwijl hij een arm om haar schouders slaat, voelt hij dat ze snikt. Maar hij kan haar niet helpen. Zijn zijde bloed wel niet meer, omdat hij de wonde gedeeltelijk genezen heeft, maar zijn krachten zijn uitgeput. Even werpt een blik op zijn vriend, die in een grote plas bloed op de vloer ligt. Dan schrikt hij.

Op dat moment richt Jakira langzaam haar rechterarm op Yavar, die licht wankelend op haar toestapt. De Rungleider ziet plots drie stralen in zijn richting schieten. Als de Ganzar wil reageren, beseft hij dat hij zijn krachten zo goed als uitgeput heeft. Snel probeert hij zich met een scherm te omgeven, maar dat flakkert hevig. Dan wordt hij door een van de stralen geraakt en energieflitsen schieten doorheen de troonzaal. Op hetzelfde moment verdwijnt de Rung.

Vlak achter Jakira materialiseert hij en steekt plots toe. De blondine heeft zijn gedachten echter opgevangen en teleporteert zelf ook. Hij raakt haar net niet, maar ze teert op haar laatste krachten. Als Jakira materialiseert, kan ze zich met moeite staande houden en ziet Yavar voor haar materialiseren. Hij is haar dadelijk gevolgd. Tijd om zich te herpakken krijgt ze niet. Even houdt haar energiescherm de slagen tegen, maar dan boort Yavar’s energiezwaard zich diep in haar lichaam.

Omdat ze op dat moment een laatste poging deed om opzij te springen, wordt haar lichaam niet in twee gesneden. Maar toch valt ze zwaar gewond op de vloer van de troonzaal. Heel haar linkerborst ligt open en bloed hevig. Het energiezwaard is bijna tot aan haar ruggengraat in haar lichaam gedrongen. Ze probeert zich te genezen, maar het lukt haar maar even. Ze is te uitgeput. Yavar kijkt glimlachend op haar neer en dan wendt hij zijn hoofd om naar Quana, die een paar meter verder op de vloer ligt. Ook zij is gewond en moet machteloos toezien.

Als hij telepathisch contact wil opnemen met Lokar, beseft hij dat zijn laatste lijfwacht ook al niet meer tot de levenden behoort. Een gedachte en hij materialiseert vlak voor Tena en Dargo, die beiden hevig schrikken. Even kijkt hij naar zijn beide tegenstanders. Hij merkt dadelijk dat het meisje huilt en kijkt even naar de dode Rondo.

‘Haha, daarom. Tja, die heeft Lokar goed te pakken gehad. Ikzelf had het niet beter gedaan.’

Tena kijkt hem even aan en kijkt dan naar Dargo. Deze laat haar los en hinkt, kreunend, naar een van apparaten toe. Hier vindt hij steun, terwijl Tena haar energiezwaard activeert.

‘Jullie hebben mijn plannen gedwarsboomd, maar toch is jullie groep niets waard,’ sist hij.

‘Dat denk ik niet, Yavar. Jij bent nog alleen over.’

‘Denk je dat, uitverkorene. Ik ben de Ganzar en Heras over een heel sterrenrijk. Als ik met jullie afgerekend…’

‘Wat is een Ganzar?’ vraagt Dargo, in een poging om de tijd te rekken.

Hij hoopt dat hijzelf en zijn lotgenoten misschien een deel van hun krachten kunnen terugwinnen.

‘De titel Ganzar betekent zoveel als almachtige Heerser. Maar meer kom je niet te weten. Ik gun jullie geen enkele kans om.’

‘Dat is niet nodig, Yavar. Jij krijgt van mij ook geen kans om je meester nog verder te dienen.’

De Rung draait dadelijk om en kijkt de jongeman aan die volledig in het zwart gekleed is, aan. Er gaat een rilling doorheen zijn lichaam als hij naar de ogen van de jongeman kijkt. Ze zijn volledig zwart en lijken hem naar binnen te trekken.

‘Wie ben jij? Nog een uitverkorene,’ vraagt hij, terwijl hij het antwoordt al kent.

Deze jongeman is volledig in de macht van het volk waartoe ook Tor-ka, zijn meester, behoort. De Droaks.

‘Nee, ik ben hoor niet bij hen, Yavar. Mijn meesteres is T’naka,’ zegt de jongeman.

‘T’naka, dat kan niet. Deze sector hoort niet tot haar gebied,’ sist Yavar met trillende stem.

‘Mogelijk, toch ben ik hier in haar opdracht.’

‘Dan zal je samen met de groep waartoe je niet behoort sterven,’ sist Yavar en activeert zijn energiezwaard.

‘Mijn naam is Zor. Misschien heb je al van mij gehoord,’ lacht de, in het zwart geklede, jongeman.

Even gaat er een schok doorheen Yavar, maar dan herpak hij zich. Hij kent Zor maar al te goed. Al van zeer jonge leeftijd is deze de rechterhand van T’naka. Hij dood zonder genade iedereen die zijn meesteres aanduidt of die in zijn weg staat. Er doen sterke verhalen over deze jongeman de ronde. Een er van gaat over zijn gevecht met een dertigtal getrainde dienaren van de Droak Osgan. Geen van hen overleefde het gevecht, terwijl Zor zo goed als ongedeerd het strijdtoneel verliet.

‘Meisje, jij houdt je hierbuiten. Anders zal je vandaag ook sterven,’ hoort Yavar, Zor zeggen, terwijl hij naar Tena kijkt.

Het roodharig meisje schrikt hevig als ze in zijn roetzwarte ogen kijkt, maar dan kijkt hij weer naar Yavar. Juist op tijd, want die heeft zijn energiezwaard stevig vastgrepen en teleporteert plots onverwachts.

Als Yavar materialiseert, staat Zor plots een paar stappen links van hem. Yavar draait zich bliksemsnel om. Maar Zor valt hem nu dadelijk aan. Een hevige strijd barst tussen beiden los. Ze bewegen zo snel, dat het met het blote oog bijna niet te volgen is.

‘Dat is een grootmeester,’ fluistert Jakira, terwijl ze langzaam probeert haar wonde te dichten.

Meer dan een uur slaan beiden op elkaar in, tot Zor plots door de verdediging van Yavar breekt. Zijn twee linker armen worden afgehakt. Voor Yavar zich kan herpakken, draait Zor om zijn eigen as en slaat toe. Het grote hoofd van de Rung wordt van zijn lichaam, dat schokkend in elkaar zakt, gescheiden. Terwijl zijn hoofd over de vloer rolt tot het blijft liggen, gaat er nog een laatste trilling doorheen het lichaam.

Zor deactiveert zijn energiezwaard en kijk nog even naar de uitdovende ogen van zijn tegenstander. Dan keert hij zich om en loopt op Jakira toe.

‘Dank je, Zor,’ fluistert deze.

‘Geen dank, Jakira. Ik voerde alleen een opdracht uit van mijn meesteres.’

‘Je meesters.’

Hierop geeft Zor echter geen antwoordt, maar kijkt even om zich heen.

‘Jullie tijd is nog niet gekomen. Oefen dus maar veel, want anders ben je geen uitdaging voor mij. En in dat geval gun ik jullie geen snelle dood.’

‘Wat bedoel je?’ vraagt Jakira, maar weer antwoordt de jongeman niet.

‘Als mijn meesteres het beveelt zie ik jullie weer. Wees voorbereid, want op die dag zal je sterven,’ glimlacht Zor en op hetzelfde moment is hij verdwenen.

Even is het doodstil in de troonzaal. Enkele tempelwachters helpen de uitverkorenen om hun wonden te verzorgen. Jakira heeft haar wonde en die van Dargo al voor het grootste deel genezen, maar heeft hiervoor de laatste restjes van haar esperkrachten aangesproken. Danor en Aya worden door de tempelwachters verzorgd en naar het midden van de troonzaal gedragen.

Jakira staat wankelend naast het hoofd van Yavar en kijkt in zijn niets ziende ogen.

‘Door de plannen van dat monster zijn Sinaron en zo vele anderen gedood,’ fluistert ze.

Tena knielt intussen naast Rondo en schrikt plots.

‘Zijn hypsoon is er niet meer,’ roept ze.

Haar vrienden kijken haar aan.

‘Wat? Ben je zeker,’ zegt Dargo.

‘Ja, kijkt maar.’

‘Niet nodig, Tena. De hypsoon van je vriend is aan boord van het complex. Als een van ons de dood vindt, dan keert zijn hypsoon automatisch terug,’ merkt Teson op.

‘Dus die van Sinaron is daar ook,’ stelt Jakira vast.

‘Nee, Jakira. Om een onbekende reden is dat niet gebeurd. Misschien weet Anya waarom?’

Jakira wankelt op dat moment even en hoort plots een dreigende stem in haar hoofd:

‘Mijn almachtige meester zal mijn dood wreken!!!!’

‘Wat was. Zijn meester. Heeft h,’ fluistert ze,

Dargo wankelt snel op haar toe en slaat zijn armen om haar schouder. De jonge vrouw laat haar hoofd tegen zijn schouder rusten. Quana kijkt hen even verbaasd aan en, terwijl ze haar eigen pijn even vergeet, glimlacht ze begrijpend. Maar Jakira rukt zich plots los en stamelt:

‘Nee, Dargo. Het spijt me, ik kan niet. Iets in mij zegt dat Sinaron nog leeft,’

‘Sinaron. Nee, dat denk.. Het geeft niet, Jakira. ‘

Dan slaat hij zijn arm opnieuw om Jakira’s schouders en samen wankelen ze op hun vrienden toe.

Quana staat wankelend op en kijkt even naar de resten van Yavar. Ze kan op haar rechterbeen bijna niet staan. Tena schiet haar ter hulp.

Ook Jakira heeft het gemerkt en wankelt naar haar vriendin toe. Dargo laat haar los en kijkt haar met een droevige blik na.

‘Laat mij maar, Tena. Ik zal mij om haar bekommeren,’ zegt Jakira op dat moment

Terwijl ze Quana van Tena overneemt, gaat ze verder.

‘Ik zie jullie straks wel.’

‘Zou je dat wel doen, Jakira. Je lijkt uitgeput.’

‘Dat kan er ook nog wel b…’ glimlacht de blondine, maar wordt door bevelende stem onderbroken.

‘Stop, Jakira. Pas op, jullie gaan allen naar de K-8.’

‘Anya,’ fluistert Jakira nog en op hetzelfde moment zijn ze alleen, samen met de tempelwachters verdwenen.

Ook het lichaam van Rondo lost op in het niets.

In de rest van de burcht hebben de laatste soldaten zich overgegeven aan de soldaten van Azar. Als de Dar aan de leiding van zijn soldaten de troonzaal binnenstappen, zien ze de vele doden op de vloer liggen. Alleen Anya staat op de plaats waar vroeger de troon stond.

Onze vrienden materialiseren in de ziekenzaal van de K-8.

‘Wat zien we eruit?’ spot Quana.

‘Je hebt gelijk. We werden in de pan gehakt. We zijn allen gewond, enkel…’ fluistert Aya, maar zwijgt als ze de blik van Jakira opmerkt.

Dan kijkt ze naar Tena, die haar huilende gezicht probeert te verbergen. Het lukt haar echter niet. Iedereen beseft dat ze een goede vriend verloren hebben.

‘Het spijt me, vrienden. Zonder Rondo kan ik niet blijven,’ zegt Tena plots.

Maar dan merkt ze de blik van Jakira op, die naar Kagin kijkt. De tempelwachtster loopt op haar toe.

‘Niet te fel schrikken, Tena. Over enkele ogenblikken kennen jullie het laatste geheim van de hypsoon,’ hoort de roodharige haar zeggen.

Ook Jakira kijkt Kagin verbaasd aan.

‘Schrikken. Waar zouden we hier van schrikken.’

‘Misschien wil Anya weer eens een onverwachte les…’

‘Rondo,’ horen ze Danor plots uitroepen.

Verschrikt kijken ze allen naar de deur en daar staat hun vriend Rondo te glimlachen.

Tena kijkt hem trillend met grote ogen aan.

‘Dat kan toch niet, ik heb je zelf,’ stamelt ze, terwijl Rondo op haar toeloopt.

Terwijl de jongeman naderbij komt, vraagt ze.

‘Jakira, is het een geest of droom ik.’

‘Ik denk het niet. Het is Rondo zelf,’ antwoordt de blondine.

Dan staat Rondo voor Tena, die hem met grote aankijkt. Ze lijkt wel verstijfd. Maar als ze zijn armen om zich heen voelt, valt de verstijving plots weg. Voor de jongeman iets kan doen, slaat ze haar armen om hem heen en kust hem hevig.

‘We zijn hier niet alleen, schat,’ fluistert hij, terwijl hij haar zachtjes achteruit duwt.

Tena kijkt hem met tranen van geluk in de ogen aan en vraagt:

‘Je leeft nog… Hoe???’ fluistert ze hees.

Ook Jakira kijkt de jongeman nieuwsgierig aan.

‘Misschien leeft Sinaron ook nog,’ denkt ze hoopvol.

‘Dat heeft iets te maken met onze hypsoon. Toen ik daar zwaargewond in je armen lag, werd alles plots zwart om mij heen en toen ik mijn ogen weer opende, lag ik naakt en nat in een soort tank ergens in het complex. Mijn hypsoon zorgde ervoor dat ik mij dadelijk alles herinnerde. Gedurende de eerste uren voelde ik mij wel heel zwak en het duurde een tijdje voor mijn krachten terug keerden. Alleen mijn esperkrachten lijken wel zwakker, dan vroeger,’ legt de jonge man uit.

‘Dat kan ook niet anders, Rondo. Je bent gedood en weer tot leven gewekt, door de tempelmeesteres. Ik en een aantal van de tempelwachters hebben dat ook al meegemaakt. Maar telkens na onze dood, werden we in zo’n tank kletsnat weer wakker.’

‘Hoe kan dat?. Waarom gebeurt dit niet bij, Sinaron?’

‘Dat weet ik niet, Jakira. Vermoedelijk omdat de Hypsoon van Sinaron verdwenen is,’ zegt Kagin.

‘En Janoro en Iljane, waar is hun hypsoon.’

‘Het spijt me, vrienden maar zij zijn allebei dood,’ zegt een stem op dat moment.

‘Anya,’ zegt Dargo nog en op hetzelfde moment zijn ze allen verdwenen.

Ze materialiseren in een grote vreemde zaal. Er staan zeker vijftig bedden langs beide zijden.

‘Waar zijn we hier?’ merkt Quana op.’

‘Dit is de zaal, waar jullie lichamen opgeslagen liggen,’ zegt Anya.

‘Onze lichamen,’ schrikt Jakira.

‘Ja, jullie originele lichamen.’

‘He, Jakira. Kijk eens. Hier lig jij, alleen een paar jaar jonger. En nog wel in je blootje ook’ glimlacht Dargo.

Jakira kijkt naar hem en loopt dan op het derde bed toe. Dan ziet ze zichzelf liggen in een lichtgroene vloeistof.

Het lijkt wel alsof ik nog zeventien jaar ben,’ denkt ze.

‘Dat klopt, Jakira. Toen je originele lichaam hier opgeslagen werd, was je zeventien jaar oud. Dargo en Quana waren zestien en zij liggen in bed één en twee. De anderen liggen in de volgende bedden.’

‘Waarom spreek je telkens van onze originele lichamen?’ vraagt Quana.

‘Jullie lichamen worden gebruikt om een kloon te maken. Jullie ziel of informatiedrager bevindt zich in een gekloond lichaam.’

‘Wat? Dat kan toch niet?’

‘Jawel, Danor. Jullie hypsoon slaat bij jullie dood, jullie ziel op en keert dan weer terug naar deze zaal. Zodra hij hier aankomt wordt een nieuw kloonproces gestart.’

Even is het doodstil in de zaal.

‘Je ziet er niet slecht uit, Dargo,’ spot Tena, die naast Dargo’s lichaam staat, op dat moment.

Dargo werpt haar even een kwade blik toe, maar glimlacht dan.

‘Neem plaats in de bedden langs de rechterkant van de zaal,’ horen ze Anya zeggen.

Even kijken ze elkaar aan, maar dan lopen ze lachend op het voor hen bestemde bed toe. Jakira gaat als eerste op de rand zitten en wil zich achter over laten zakken.

‘He, waar zijn onze kleren,’ zegt Aya op dat moment.

Ook Jakira schrikt als ze merkt dat ze naakt is, maar ze herinnert de woorden van Rondo. Ook hij had geen kleren aan.

‘Dat is normaal, jongens en meisjes,’ lacht ze, terwijl ze naar Tena en Rondo knipoogt.

Dat koppel staat arm is arm te kijken. Tena is niet gewond, waardoor ze geen behandeling nodig heeft en Rondo is pas opgewekt. Beide glimlachen naar hun vrienden, die zich in hun speciaal bed gaan liggen.

Drie uur later komen Rondo en Tena als laatste de kantine binnen, waar de anderen zitten te praten.

‘Alleen door de hulp van die in het zwart geklede jongeman, hebben we uiteindelijk gewonnen,’ merkt Danor juist op.

Quana, die gemerkt heeft dat Jakira met haar gedachten ergens anders is.

‘Wat is er, Jakira.’

‘Het is nog niet voorbij,’ fluistert de blonde vrouw.

‘Wat is niet voorbij?’

‘Yavar werkte in opdracht van iemand, die hij de meester noemde. Zijn laatste gedachten moeten we, als een soort waarschuwing opvatten,’ antwoordt Jakira en loopt op Quana toe.

‘En ik zou graag weten wie die Zor was. Zijn ogen waren helemaal zwart. Er was zelfs geen pupil te zien,’ zegt Tena op dat moment.

Haar vrienden kijken om en Quana lacht:

‘Waar hebben jullie gezeten?’

‘Ha, zo. jullie zijn samen…’

‘Laat dat Quana. Zij hebben ook een leven. Concentreer je. Wie weet wat ons nog te wachten staat,’ glimlacht Jakira, terwijl Tena rood wordt tot achter haar oren.

‘Volgens de woorden van Zor was zijn meesteres T’naka. Wie is dat?’ merkt Dargo op.

‘Dat zou ik ook graag weten, Dargo. En dan zijn dreigement. Dat moeten we ernstig nemen,’ zegt Jakira nadenkend.

‘Ook Yavar stond in dienst van iemand anders en hij noemde zich een Heerser over een sterrenrijk.’

‘Dat klopt, Tena, maar wie zou er dan nog hoger staan dan de Heerser van een groot rijk?’

‘Als we dat eens wisten, Aya.’

‘Het zijn vele vragen ineens. Maar wie weet, wanneer we er een antwoordt op vinden.’

‘Misschien weet Anya het wel?’ merkt Rondo op.

‘Dat is nog een probleem. Anya laat niets van zich horen,’ lacht Quana, terwijl zij plots iemand mist.

‘He, waar is Kerto. Hij hoorde toch ook bij ons.’

‘Ja, nu je het zegt, Quana. Misschien is hij bij Anya, want hij heeft nog geen opleiding gekregen.’

Even is het stil, maar dan roept Quana lachend.

‘Anya, laat je eens zien.’

Maar Anya laat niet van zich horen. Zij zit in de burcht, waar een groot feest aan de gang is. Terwijl de T-8 omheen de planeet cirkelt en met zijn scanners de toestand van de atmosfeer, die langzaam meer en meer normaal wordt, observeert.

Plaats een reactie